Cursusprogramma A2 - B1

Cursusprogramma A2 – B1 (Inzicht)

Wat kun je in de les verwachten?

  1. In elke les werken we met een duidelijk doel.
    Je weet wat je gaat leren en waarom dat belangrijk is.

  2. In de les doe je actief mee.
    Je luistert, praat, oefent, denkt mee en maakt opdrachten.

  3. Je leert woorden die belangrijk zijn voor het onderwerp.
    Je oefent met spreken, luisteren, lezen en schrijven.

  4. In de les doe je taken die passen bij het dagelijks leven, school of werk.
    Zo leer je Nederlands op een praktische manier.

  5. De docent kijkt steeds of je het begrijpt.
    Aan het einde van de les kijken we terug op wat je hebt geleerd.

  6. Je krijgt ook huiswerk om je goed voor te bereiden of om extra te oefenen.
    Doe je online mee aan een hybride les? Dan zijn er ook momenten waarop je actief online meedoet.

Boek

Je kunt een account voor het boek maken op: www.nt2school.nl/nl

Samenvatting

Opbouw:

Periode

Weken

Hoofdstukken

Blok 1

Week 1–4

1A, 1B, 2A, 2B

Blok 2

Week 5–8

3A, 3B, 4A, 4B

Blok 3

Week 9–12

5A, 5B, 6A, 6B

Blok 4

Week 13–16

7A, 7B, 8A, 8B

Afronding

Week 17

ICE eindtoets

Tijd per les:

Een les duurt 180 minuten.
Je hebt 15 minuten pauze.

Structuur per week:

Je hebt elke week 3 lessen.
Samen is dat 9 uur les.
In deze lessen werk je met het boek Inzicht.

Week

Les 1 (Inzicht)

Les 2 (Inzicht)

Les 3 (Inzicht)

Huiswerk (online)

1

ICE starttoets A2 B1 + introductie cursus

1A Heb je een leuk weekend gehad p. 9–16

1A Wat gebeurde er p. 17–25

1A heb je een leuk weekend gehad?

2

1B Verleden tijd en context p. 26–34

Perfectum en imperfectum in gebruik p. 9–43

Thematoets Thema 1

1B - Wat gebeurde er?

3

2A Plannen voor de toekomst p. 44–53

Zullen voorstellen en plannen p. 44–62

Toepassing zullen p. 44–62

2A - Plannen voor de toekomst

4

2B Dromen over de toekomst p. 63–72

Zouden wensen en advies p. 63–81 + staatsexamen I

Thematoets Thema 2

2B - Dromen over de toekomst

5

3A De Nederlandse cultuur p. 82–90

Informatie en hulp vragen p. 82–98

Voegwoorden met hoofdzin p. 82–98

3A - De Nederlandse cultuur

6

3B Culturele activiteiten p. 99–107

Voegwoorden met bijzin p. 99–114 + staatsexamen I

Thematoets Thema 3

3B - Culturele activiteiten

7

4A Wat vind jij p. 115–123

Discussiëren en reageren p. 115–130

Directe rede p. 115–130

4A - Wat vind jij?

8

4B Mag ik je iets vragen p. 131–139

Open en gesloten vragen p. 131–147

Thematoets Thema 4

4B - Mag ik je iets vragen?

9

5A Geldzaken regelen p. 148–156

Informatie vragen over geld p. 148–165

Scheidbare werkwoorden p. 148–165

5A - Geldzaken regelen

10

5B Sparen of uitgeven p. 166–174

Klagen en er als onderwerp p. 166–184 + staatsexamen I

Thematoets Thema 5

5B - Sparen of uitgeven

11

6A Hobby’s p. 185–194

Om te plus infinitief p. 185–204

Reflexieve werkwoorden p. 185–204

6A - Hobby's: wat vind je leuk om te doen?

12

6B Vrije tijd p. 205–214

Aan het plus infinitief p. 205–225

Thematoets Thema 6

6B - Vrije tijd: wat ben je aan het doen?

13

7A Werkervaring p. 226–235

Opleiding ervaring kwaliteiten p. 226–244

Persoonlijk voornaamwoord p. 226–244

7A - Werkervaring

14

7B Solliciteren p. 245–254

Instructies geven p. 245–264 + staatsexamen I

Thematoets Thema 7

7B - Solliciteren

15

8A Telefoneren en mailen p. 265–274

Informeel en formeel telefoneren p. 265–284

Passief presens p. 265–284

8A - Telefoneren en mailen

16

8B Relaties p. 285–294

Passief perfectum p. 285–303 + Thematoets Thema 8

ICE eindtoets luisteren en lezen

8B - Relaties

17

ICE eindtoets schrijven en spreken

Bespreken Eindtoets + afsluiting